denhaagimagesStromingen in de architectuur

We kennen in Nederland sinds 1850 een heel aantal architectuurstromingen. Al deze stromingen hebben hun eigen eigenschappen en kenmerken. Hieronder vind je een overzicht van de stromingen die van ongeveer 1850 tot het einde van de 19e eeuw een belangrijke rol hebben gespeeld in Nederland.

 

Neogotiek

Neogotiek is een stroming die van 1850 tot 1914 erg populair was en de architectuur gebruikt veel elementen van de gotiek-stroming die van de tweede helft van de 11e tot het eind van de 14e eeuw erg populair was. Kenmerkend waren vooral de katholieke bouwstijl, gemetselde gewelven en het eerlijke gebruik van materialen.

 

Jugend Stil

hotelny_0De Jugend Stil was van ongeveer 1880 tot 1914 ook erg populair en het was een stijl die vooral de economisch goede tijd centraal stelt. Kenmerkend voor Jugend Stil zijn de referenties naar de natuur, de nieuwe materialen en het vloeiende gebruik daarvan en de rijke stijl.

Rationalisme

Het rationalisme was in het begin van de 19e eeuw een stroming die zich juist afzette tegen andere, nieuwe stijlen. Het nabootsen van oude stijlen was volgens rationalisten not done en alles ging om functionaliteit. Kenmerkend zijn zichtbare constructies, regelmaat en eenheid en het gebruik van staal en beton.

 

De Amsterdamse School

7720709062_441e097680_zDe Amsterdamse School was een stroming die zich op zijn beurt, in het begin van de 19e eeuw, weer afzette tegen het rationalisme. Ambachtelijke kwaliteit van gebouwen moest terugkeren en de Amsterdamse School moest daarvoor zorgen. Kenmerkend voor deze stroming waren het gebruik van traditionele materialen, veel beeldhouwwerk, de duidelijke ambachtelijke invloeden en vele horizontale lijnen.

 

Het functionalisme

Het functionalisme was als het ware een geheel nieuwe stroming die zijn hoogtepunt kende van 1920 tot 1970. Er werden nieuwe materialen gebruikt en de bouwmethoden kregen ook een update. Kenmerkend voor het functionalisme zijn een zakelijk design, het gebruik van nieuwe materialen en bouwmethoden en de nadruk die op functionaliteit werd gelegd.

002

 

Traditionalisme

Het traditionalisme of de Delftse School lijkt enigszins op de Amsterdamse School en het was een stroming die van 1930 tot 1955 het meest populair was. Kenmerkend voor deze stroming waren het plattelandse karakter, het veelvuldig gebruik van baksteen en hellende daken.

 

De Bossche School

gse_multipart38330De laatste stroming is de Bossche School, een stroming die vooral na de Tweede Wereldoorlog, van 1945 tot ongeveer 1970, erg populair was bij architecten. Het is eigenlijk een sobere uitvoering van het Traditionalisme en kenmerkend waren de kerkelijke invloeden, de sobere architectuur en het gebruik van beton, baksteen en hout.